E

DUURZAAM (WOON)ATELIER GEZOCHT

Het wordt steeds moeilijker voor kunstenaars zich betaalbaar en duurzaam te vestigen in Amsterdam. Platform BK, Kunstenbond en de Werkgroep Kunst & Cultuur van GroenLinks Amsterdam roepen bestuurders en beleidsmakers op: zorg voor duurzame en betaalbare ruimte voor kunst in de stad.

09/07/2021




Amsterdam, 12 juli 2021

Aan:
Wethouder Kunst & Cultuur, T. Meliani & waarnemend portefeuillehouder Bouwen en Wonen, M. van Doorninck, raadsleden
Amstel 1
1011 PN Amsterdam

Betreft: de ontwikkeling van duurzaam woon- en werkbeleid voor kunstenaars

 

Geachte mevrouw Meliani, mevrouw van Doorninck, raadsleden,

Het wordt steeds moeilijker voor kunstenaars zich betaalbaar en duurzaam te vestigen in Amsterdam. Wij, Platform BK, Kunstenbond en de Werkgroep Kunst & Cultuur van GroenLinks Amsterdam, vragen met deze brief uw aandacht voor de ontwikkeling van duurzame en betaalbare ruimte voor kunst in de stad.

 

Samenvatting

Probleem:
Het wordt steeds moeilijker voor kunstenaars zich betaalbaar en duurzaam te vestigen in Amsterdam.

Oorzaken:

  • Huurprijzen van zowel woningen als (woon)ateliers in de vrije sector zijn te hoog voor het gemiddelde kunstenaarsinkomen;
  • ‘Doorstroombeleid’ van woningcorporaties, waarbij oneigenlijk gebruik wordt gemaakt van jongerencontracten, maakt het onmogelijk voor kunstenaars zich duurzaam te vestigen;
  • Gebrekkig inzicht in en toezicht op de IJzeren Voorraad leidt tot onzichtbare krimp van beschikbare ateliers en atelierwoningen;
  • De tijdelijke aard van broedplaatsen maakt tijdelijkheid en onzekerheid tot norm.

Oplossingsrichtingen:

  • Heldere afspraken over het gebruik van jongerencontracten;
  • Transparantie over en bescherming van de IJzeren Voorraad;
  • Ondersteunen van coöptatie door (verenigde) huurders;
  • Verduurzamen van het broedplaatsbeleid en de broedplaatsfinanciering.

 

Introductie

Het is een bekend gegeven dat Amsterdam steeds minder toegankelijk wordt voor mensen met een laag- of middeninkomen. Door een overspannen en oneerlijke woningmarkt, de liberalisatie en een daling in het aandeel sociale huurwoningen is er voor velen van hen geen plaats meer in de stad. U betoont zich van deze situatie bewust. U stelt dat betaalbare huisvesting geen privilege maar een grondrecht is en streeft naar meer gelijkheid en betere kansen op de woningmarkt voor iedere Amsterdammer.

Wij delen uw overtuiging van de noodzaak van sociaal beleid in de stad. Daarom vragen we uw aandacht voor een groep Amsterdammers en nieuwe Amsterdammers die voor het overgrote deel een laag- of middeninkomen hebben: kunstenaars. Vanwege disfunctioneel doorstroombeleid, een krimpende IJzeren Voorraad en de tijdelijkheid van broedplaatsen, wordt het vinden van een vaste en betaalbare woon- en werkruimte voor een steeds grotere groep cultuurprofessionals praktisch onmogelijk. De praktijk is weerbarstig, met goede beleidsintenties komen we er niet.

 

Doorstroombeleid

Het huidige doorstroombeleid voor (atelier)woningen zorgt ervoor dat kunstenaars zich niet duurzaam kunnen vestigen in Amsterdam. Woningbouwcorporaties richten zich steeds meer op de tijdelijke verhuur van (atelier)woningen en ateliers uit de IJzeren Voorraad. Nieuwe (atelier)woningen en vrijgekomen (atelier)woningen waar nieuwe huurders intrekken, worden sinds 2015 vrijwel alleen nog aan kunstenaars onder de 28 jaar verhuurd, omdat alleen hen wettelijk een tijdelijk jongerencontract kan worden aangeboden. Woningbouwcorporaties grijpen dit middel aan om doorstroom te garanderen en de stad toegankelijk te houden. Deze aanpak heeft echter een averechts effect. In plaats van toegankelijk, maken de tijdelijke contracten het voor (niet alleen) kunstenaars en creatieve professionals met een bescheiden portemonnee praktisch onmogelijk om zich duurzaam te vestigen in de stad.

Dit wordt des te duidelijker, nu ten tijde van de coronacrisis en een historisch krappe huizenmarkt, de eerste vijfjarencontracten aflopen. De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning is in Amsterdam opgelopen naar 13 jaar, met uitschieters naar 18 jaar, waardoor van doorstroom naar een sociale huurwoning niet realistisch is. Een vrijesectorwoning dan? Het idee dat een kunstenaar na vijf jaar een marktconforme huur kan betalen is naïef en op geen enkele manier in overeenstemming met de alledaags beroepspraktijk van kunstenaars. Kunstenaars verdienen gemiddeld iets meer dan 1.600 euro per maand en zullen dus vaak niet voldoen aan de inkomenseis van vrijemarktwoningen.

Hier komt bovenop dat veel kunstenaars voor hun werkpraktijk afhankelijk zijn van een atelierruimte. Jongeren wiens jongerencontract op een atelierwoning afloopt, wacht een dubbele kostensprong: voor een huurhuis in de vrije sector, en voor een commercieel verhuurd atelier. Een sprong die een kunstenaar — jong of oud —  onmogelijk kan maken. Wat deze kunstenaars rest, is de stad te verlaten. Zolang het grote tekort aan betaalbare huurwoningen niet wordt opgelost, volgt uitstroom, waardoor de stad veel sociaal, maatschappelijk en cultureel kapitaal verliest.

 

Niet nagekomen afspraken

Bovenstaand probleem zal u niet onbekend voorkomen. Met voortschrijdend inzicht wat betreft de ontoegankelijke vrije sector, heeft u omtrent de verhuur van (atelier)woningen heldere samenwerkingsafspraken gemaakt met de corporaties, de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) en de huurderskoepels. Zowel in de uitwerking samenwerkingsafspraken 2016-2019, de samenwerkingsafspraken 2020-2023, het vigerende broedplaatsen- en atelierbeleid 2019-2022, als de website van de CAWA blijkt dat kunstenaars een verlenging van hun contract voor vijf jaar zouden moeten krijgen op voorwaarde dat zij de toptoets van de CAWA opnieuw halen.

Tot onze schrik blijkt deze zeer heldere afspraak fictie. Verschillende leden van Platform BK en de Kunstenbond hebben van woningbouwcorporaties te horen gekregen dat zij hen niet zullen voordragen voor een hertoetsing. Hierbij wordt gewezen op de juridische onmogelijkheid om twee vijfjarencontracten aan te bieden. Nu dreigen de huurders van deze atelierwoningen na één periode van vijf jaar op straat te worden gezet, zonder uitzicht op een andere betaalbare (atelier)woning. Door deze situatie, die haaks staat op de samenwerkingsafspraken, dreigen velen in acute woningnood komen. De wetten rond tijdelijk huren zijn sinds het maken van de prestatieafspraken niet gewijzigd, waardoor deze situatie zowel voorzien als voorkomen had kunnen worden.

Door het weigeren van voordracht voor CAWA-hertoetsing door de corporaties, wordt duidelijk dat zij kunstenaars en andere huurders met een kleine portemonnee liever kwijt dan rijk zijn. Het argument dat zij hier door de wetgever (verhuurdersheffing) toe gedwongen zouden worden is geen excuus, het is een beleidskeuze. Zolang de woningbouwcorporaties de vrije hand behouden, zal de stad de komende jaren nog meer van haar sociale karakter verliezen, ongeacht de mooie idealen van het college.

 

Gebrekkig zicht op IJzeren Voorraad

Een ander nijpend probleem betreft het geringe gemeentelijke toezicht op, en het gebrek aan transparantie over de Amsterdamse voorraad ateliers en atelierwoningen: de zogenaamde ‘IJzeren Voorraad’. Op dit moment hebben alleen raadsleden toegang tot deze informatie. Hierdoor is het voor burgers onmogelijk na te gaan hoeveel ateliers en atelierwoningen de IJzeren Voorraad omvat, hoe deze beheerd worden, wat hun gemiddelde kwaliteit is en hoe vaak zij van hand wisselen of geliberaliseerd worden. Deze kwestie moeten de wethouder van Wonen en van Cultuur en de raadsleden zich aantrekken, omdat op deze manier onvoldoende democratische controle van het beleid mogelijk is. Hoe kan een wethouder verantwoording afleggen over beleidsresultaten die uit het zicht gehouden worden?

 

Tijdelijkheid van broedplaatsen

Ook binnen broedplaatsen is de tendens dat broedplaatsontwikkelaars en corporaties steeds meer tijdelijke contracten bieden. Dit is mede te wijten aan het feit dat de broedplaatsen zelf in de regel tijdelijk zijn. Het feit dat broedplaatsbeleid geen structurele post heeft in de begroting en dat de gemeente alleen opstartsubsidies voor broedplaatsen verstrekt, heeft tot deze situatie geleid. Zolang de gemeente niet inzet op duurzaamheid in het broedplaatsbeleid, zullen tijdelijkheid en onzekerheid de norm blijven.

 

Oplossingen

Wat ons betreft is het college nu aan zet om de regie te herwinnen van het karakter van de stad en de regio en is dat inzet van partijen in opmaat naar de gemeenteraadsverkiezingen in 2022. Wij, Platform BK en Kunstenbond, willen graag samen met u op zoek naar alternatieven manieren waarop kunstenaars zich langdurig kunnen vestigen in de stad. Als voorschot op dit gesprek, doen wij bij dezen een aantal suggesties voor oplossingsrichtingen.

Harde afspraken, strenge regulering en het tegengaan van oneigenlijke gebruik van jongerencontracten door de woningbouwcorporaties en de onzichtbare verkoop en liberalisatie van sociale huur (atelier)woningen is onontbeerlijk om een levendige en inclusieve stad te behouden en een duurzaam kunstklimaat te vestigen.

Daarnaast moet behalve de Raad en de CAWA, vooral de Amsterdammers ten principale inzicht in de (adres)gegevens over het aantal atelierwoningen in de IJzeren Voorraad worden verleend, zodat er geïnformeerd advies over beleid kan worden gevormd en er democratische controle op het gemeentebeleid en het beleid van de woningbouwcorporaties kan bestaan.

Tot slot constateren we dat een beleid dat zich richt op tijdelijkheid als oplossing voor de schaarste op de woningmarkt niet tot doorstroom leidt, maar tot verdringing. Het heroverwegen van doorstroombeleid is daarom een belangrijke oplossingsrichting. Naast wettelijk uitvoerbare, bindende en afrekenbare afspraken met de corporaties, stellen we voor dat u mogelijk maakt dat zittende huurders makkelijker een woongemeenschap kunnen vormen, met mogelijkheden tot ‘coöptatie’. Zo kan vastgoed voor onbepaalde tijd in eigendom en zelfbeheer van gemeenschappen komen. Dit voorkomt kaasschaafbeleid, waarbij vrijgekomen atelierwoningen één voor één worden geliberaliseerd of verkocht.

Ook is van belang dat het broedplaatsbeleid verduurzaamd wordt. Hiertoe raden we aan de begrotingspost voor broedplaatsen structureel te maken, in te zetten op langdurige vestiging van broedplaatsen en afspraken te maken met beheerders om het gebruik van tijdelijke contracten met huurders te beperken. Het realiseren van langdurige broedplaatsen, neemt tevens het risico weg dat het aantal broedplaatsmeters implodeert wanneer er bezuinigd moet worden op het ontwikkelen van nieuwe broedplaatsen.

 

We vertrouwen erop dat u onze zorgen over de woningmarkt deelt en zijn benieuwd naar uw reactie op de voorgestelde oplossingsrichtingen. Over de precieze invulling hiervan treden wij graag in gesprek.

 

Met vriendelijke groet,

Sepp Eckenhaussen, co-directeur Platform Beeldende Kunst
Koen Bartijn, co-directeur Platform Beeldende Kunst
Peter van den Bunder, belangenbehartiger beeldend Kunstenbond
Frans van Tartwijk, Werkgroep Kunst & Cultuur van GroenLinks Amsterdam

 




Over Platform BK

Platform BK onderzoekt de rol van kunst in de samenleving en voert actie voor een beter kunstbeleid. Wij vertegenwoordigen kunstenaars, curatoren, ontwerpers, critici en andere culturele producenten.


GERELATEERDE ITEMS